8. Zachtmoedigheid

8. Zachtmoedigheid

“Zalig zijn de zachtmoedigen, want zij zullen het land bezitten” (Matt 5:5).

Moedig, en toch zacht.  Of zacht en toch moedig:  Ik denk aan Matteüs 10:16 als Jezus zegt “wees zo slim als slangen en eenvoudig als duiven”.

Jezus nodigt ons uit om bij hem de rust te vinden, want “Ik ben zachtmoedig en nederig van hart” (Matt 11:29). 

Zachtmoedigheid wordt in verband gebracht met nederigheid – humilitas – ‘van de aarde’.  Zijn wie je bent – uit stof van de aarde gemaakt:  deel van, één met, en afhankelijk van de schepping, maar wel gevuld met het leven door Gods adem.  Dat ons hart ontvankelijke grond mag zijn waarin het zaad van Gods Woord mag ontkiemen.  Zachtaardig.

Zachtmoedig is niet een woord in ieders dagelijks gebruik.  Maar het woordenboek geeft een mooie beschrijving, en aan de hand daarvan, laten wij bidden voor deze gave van de heilige Geest:

geneigd tot vriendelijke verdraagzaamheid, niet opvliegend of heftig, geduldig berustend, goedertieren.

Kom heilige Geest!