Een vraag?

Een vraag?

Hoe heeft u naar de protesten tegen discriminatie en racisme gekeken in de afgelopen weken? De gewelddadige dood van George Floyd heeft veel teweeg gebracht wereldwijd. We hebben allemaal het verschrikkelijke filmpje gezien van het optreden van een witte agent tegen een zwarte man. Er ontstond in korte tijd een enorme protestbeweging in Amerika tegen politiegeweld en racisme. In veel Amerikaanse steden gingen mensen de straat op om ondanks de corona-crisis uitdrukking te geven aan hun woede en frustratie.

Ook in Nederland en in veel andere landen hebben we de afgelopen weken protestbijeenkomsten gezien tegen discriminatie en racisme. In ons land begon het met de grote demonstratie op de Dam in Amsterdam. Bijna dagelijks waren er protesten in andere Nederlandse steden. Opvallend was, dat met name veel jonge mensen naar deze bijeenkomsten kwamen om uiting te geven aan hun afkeer van discriminatie en racisme.

Racisme en discriminatie is niet alleen ver weg in Amerika. Het is ook dichtbij in ons eigen land. De premier heeft dit duidelijk erkend. In Nederland is “systematisch racisme” een probleem, aldus onze premier. De onthullingen rond het optreden van de Belastingdienst hebben dit de afgelopen tijd nog eens pijnlijk aan het licht gebracht. Racisme is ook in ons land dichtbij, bij de politie, bij uitzendbureaus etc.

Herkent u het ook in uw eigen leven, in uw eigen gedrag ten opzichte van mensen met een andere huidskleur, dichtbij in de straat, in uw dorp of stad? De grootschalige protesten houden mij een spiegel voor en stellen mij de vraag: Waar discrimineer ik? Waar laat ik me leiden door vooroordelen ten opzichte van mensen met een donkere huidskleur of mensen die afkomstig zijn uit een ander land?  Herkent u dit? Zijn de protesten ook voor u een vraag?

Onvoorwaardelijk mens-zijn

Telkens moet ik bij dit alles aan de woorden van Paulus denken, die hij tweeduizend jaar geleden schreef in een brief aan de Galaten, die toen woonden in een deel van het huidige Turkije. “Er is geen jood of heiden meer, er is geen slaaf of vrije, er is geen man en vrouw; allen tezamen zijt gij één in Christus Jezus.” (Galaten 3, 27).

In Christus, in God mogen we er allemaalonvoorwaardelijk zijn, zonder onderscheid. Dit diepe besef, deelt Paulus met ons in zijn brief. In God, zijn wij geborgen en mogen we onvoorwaardelijk mens-zijn, ongeacht kleur, afkomst of wat dan ook. Dit is wat wij allen ten diepste verlangen: als mens er te mogen zijn, vrij te kunnen ademen in Gods open ruimte. Dit is ten diepste het verlangen van iedere mens, zonder onderscheid.

Berrie Daalhuizen